De megastallen staan niet in Vlaanderen

Ons land heeft gemiddeld de kleinste pluimveestallen van Europa. De biologische pluimveehouderij in Vlaanderen is in opmars. De sterkte van de Vlaamse landbouw zit in de hoge diversiteit aan bedrijfsmodellen.

In Knack verscheen dinsdag een artikel over de ophef rond megastallen. Gelet op de Europese eengemaakte markt, lijkt het opportuun om dit binnen de Europese context te bekijken. Volgens cijfers van Eurostat heeft ons land voor vleeskippen gemiddeld de kleinste stallen van Europa. Het gemiddelde werd berekend over stallen met meer dan 100.000 kippen. Voor België bedroeg het gemiddelde 129.000 kippen. Onder andere in Denemarken, Spanje, Duitsland en Groot-Britannië ligt het gemiddelde boven 200.000 kippen. In Roemenië loopt het gemiddelde zelfs op tot 500.000 kippen per bedrijf. Ook wat betreft de legkippen behoren de stallen in ons land tot de kleinste van Europa. België staat Europees op de derde plaats, enkel Finland en Ierland hebben kleinere stallen.

Figuur 1: Grootte van pluimveebedrijven in Europa voor Vleeskippen volgens de meest recente cijfers van Eurostat. Bron: Eurostat
Figuur 2: Grootte van pluimveebedrijven in Europa voor leghennen volgens de meest recente cijfers van Eurostat. Bron: Eurostat

Volgens het biorapport dat maandag werd voorgesteld, is er vooral een sterke groei in de biologische pluimveehouderij. Ten opzichte van 2017 groeide het aantal dieren met 83.000 bio-kippen. Ook het bedrijf dat in Knack vernoemd werd, wenst te diversifiëren naar bio-kippen. Toch stoot het houden van bio-kippen op hevig protest bij buurtbewoners. Dit tart alle verbeelding.

De pluimveesector heeft recent ook sterk moeten investeren. In 2012 moesten volgens Europese wetgeving alle batterijen vervangen zijn door verrijkte kooien. De dieren kregen niet alleen meer ruimte maar ook zitstokken, nestgelegenheid en strooiselruimte. De leningen van sommige pluimveehouders lopen tot 2033. De nieuwe huisvesting is nog niet afbetaald, of GAIA spreekt al van een verbod op verrijkte kooien. Lees: nieuwe investeringen. En dan zijn milieuorganisaties zoals BBL verwonderd dat bedrijven vast komen te zitten in een financiële uitzichtloze situatie, oftewel de zogenaamde “lock in”.

GAIA verspreidde deze week beelden van een vleeskippenbedrijf. Naast de valse beschuldigingen ten aanzien van Poule & Poulette uitte de dierenrechtenorganisatie ook kritiek op het dierenwelzijn bij vleeskippenbedrijven. Een punt van kritiek is het sterftecijfer. Gemiddeld 3,5% van de kuikens of kippen komt om het leven. Nochtans ligt het cijfer bij bedrijfstypes met een vrije uitloop niet lager. Dit is onder andere te verklaren door meer parasitaire infecties vanwege de buitenloop. Wondes die ontstaan door pikgedrag vormen in alle bedrijfsmodellen een probleem. We mogen het ene bedrijfsmodel niet verheerlijken ten opzichte van het andere. Ieder model heeft haar voor- en nadelen. De sterkte van de Vlaamse land- en tuinbouw zit hem in de verscheidenheid aan bedrijfsmodellen.

Selectie binnen rassen kan een oplossing bieden om dieren meer resistent te maken tegen parasitaire infecties. Volgens de Europese Commissie legt de sector in hun selectieprogramma’s steeds meer aandacht bij dierenwelzijn en -gezondheid. Langs de andere kant is er ook kritiek op de selectie binnen rassen. Vooral op de ‘spectaculaire’ groei bij vleeskippen. Een vleeskip bereikt na 5 weken een gewicht van 1.800 g. Het gros van het gewicht is vooral toe te schrijven aan de sterke borstspier. Andere forse rassen die als hobbykip worden gehouden vertonen evenzeer een sterke groei. De New Hampshire, een rustige kip die snel tam wordt, bereikt na 5 weken evenzeer een gewicht van meer dan 1.000 g. Dit ras werd overigens in de jaren 50 gebruikt als vleeskip.

We mogen niet vergeten dat we leven in een Europese eengemaakte markt. Indien er nieuwe normen volgen, kan dit het beste geregeld worden op Europees niveau. Dit voorkomt dat onze winkelrekken binnenkort zullen vol liggen met Tsjechisch, Roemeens of Pools kippenvlees.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *