Het ene PAS-kader is het andere niet. Vlaamse PAS zorgt voor sterke daling stikstofemissies veeteelt.

Binnenkort zal de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) het nieuwe jaarrapport luchtemissies 2000-2017 publiceren. Uit de eerste cijfers die al op hun website werden geplaatst kunnen we afleiden dat de NH3 emissie van de landbouwsector terug is gedaald in 2017. De doelstellingen in 2020 en 2025 liggen binnen handbereik.

In de periode 2013-2017 daalden de emissies uit stallen en mestopslag gemiddeld meer dan 570 ton NH3 per jaar. Ter vergelijking, in de periode 2008-2012 stegen deze emissies gemiddeld 163 ton NH3 per jaar. Sinds de invoering van het PAS-kader is er een sterke daling in emissies van de veeteelt. De landbouwsector is dus sterk aan het investeren in de transformatie naar emissiearme stalsystemen en mestopslag. Het PAS-kader geraakt stilaan op kruissnelheid.

Figuur 1: NH3-emissies veeteelt. Sterke daling sinds 2013. Bron: VMM

In 2015 en 2016 was de daling in NH3-emissies van stallen en mestopslag minder voelbaar vanwege de strenge fosfaatnormen in MAP5. Hierdoor moesten landbouwers opzoek naar fosfaatarme stikstofbronnen (zoals kunstmest) en hun dierlijke mest laten verwerken, welke ook een impact hadden op de NH3-emissies. De sector moest in sneltempo een omslag maken. Intussen heeft de sector zich kunnen aanpassen: er is een stagnering in kunstmestgebruik en een minder sterke toename in mestverwerking.

Dit blijkt ook uit de daling in de totale NH3-emissie in 2017. Er valt te verwachten dat de daling in zich de komende jaren zal verder zetten. De landbouw is op de goede weg om haar doelstellingen te halen.

Dit in tegenstelling tot de NOx-emissie van transport waarbij de doelstellingen in 2020 en 2025 waarschijnlijk niet zullen worden gehaald. De prognoses voor transport lijken compleet achterhaald te zijn. De Vlaamse Regering die de doelstelling voor landbouw in 2025 verstrengde en hiervoor een stok achter de deur inbouwde, had dit beter ook gedaan voor transport.

Terwijl men bij NH3 over afstanden van honderden meter spreekt, legt NOx afstanden van duizenden kilometer af. De totale depositie van NOx in natura 2000 is van dezelfde grootte orde als de depositie van NH3 van de Vlaamse landbouwsector. Beide zijn verantwoordelijk voor 1/3de van de stikstofdeposities in natura 2000-gebieden.

Door de korte afstand van NHfocust het PAS-kader vooral op bedrijven nabij natura 2000-gebieden. De NH3 reducties van de landbouwsector zullen dus vooral voelbaar zijn in deze natuurgebieden. Tegelijkertijd blijft de lange afstand NOx neerslaan in natura 2000-gebieden. Ook een recente studie van het INBO over stikstofdepositie in bossen hamert op de impact van NOx: “De prognoses voor NOx-emissie zijn veel te optimistisch en bijkomende maatregelen dringen zich op”. Van alle natura 2000 habitats die in 2030 nog een stikstofoverschrijding zouden vertonen bestaat 60% uit bossen. De transportsector zal nog een stevig tandje mogen bijsteken.

Het ene PAS-kader is het andere niet

Het PAS-kader moet zorgen voor een daling van stikstofemissies in Europees beschermde natuurgebieden (natura 2000). Deze Europese bescherming is neergeschreven in een richtlijn. Dit betekent dat elke lidstaat vrij is om te bepalen hoe het deze natuurgebieden zal beschermen en herstellen, zolang men uiteindelijk dezelfde doelstelling bereikt: een gezonde toestand van deze Europees beschermde natuur.

In Nederland was het PAS-kader geheel anders opgebouwd dan in Vlaanderen. Daar koos men ervoor om toekomstige ontwikkelingsruimte voor stikstof vandaag al in te nemen. Dit kan leiden tot een betekenisvolle stijging van stikstof in Natura 2000 gebieden, welke in strijd was met de habitatrichtlijn. Een nationale rechter heeft het PAS-kader daarom vernietigd waardoor Nederland momenteel zonder wettelijk kader zit voor allerhande ontwikkelingen.

In Vlaanderen is het PAS-kader geheel anders opgebouwd. Hier werkt men, net zoals in Duitsland, met drempelwaarden. Ontwikkelingen die leiden tot een bijkomende betekenisvolle stijging van stikstof in Natura 2000 gebieden krijgen geen vergunning. Het Vlaamse PAS-kader heeft vooral een impact op landbouwbedrijven nabij deze natuurgebieden, en focust bijgevolg op de doelstelling van de habitatrichtlijn.

Nederland en Vlaanderen worden dikwijls vergeleken op basis van de stikstofemissies afkomstig van landbouw. Maar de habitatrichtlijn focust niet op emissies, wel op de stikstofneerslag in Natura 2000 gebieden. De impact van de stikstofneerslag van een stal die 20 km verder staat, is verwaarloosbaar ten opzichte van een stal die nabij het Natura 2000 gebied ligt.

In Nederland is gemiddeld 40% van de stikstofneerslag in Natura 2000 gebieden afkomstig van landbouw. In Vlaanderen is gemiddeld 30% afkomstig van landbouw. Daarenboven focust het Vlaamse PAS-kader vooral op landbouwbedrijven nabij Natura 2000 gebieden. Met een flankerend beleid moeten sommige bedrijven zichzelf sterk omvormen of zelfs verdwijnen. Het Vlaamse PAS-kader heeft een directe impact op 1/3de van de stikstofneerslag in Natura 2000 gebieden. Daarnaast moeten nieuwe varkens- en pluimveestallen verplicht ammoniak emissiearm gebouwd worden. Ook dit zal een effect hebben op de totale emissies en de stikstofneerslag in Natura 2000 gebieden.

Volgens de studie van het INBO moet de stikstofneerslag in Natura 2000 gebieden gemiddeld met 38% dalen. Zelfs als we de volledige Vlaamse landbouwsector (30%) doen verdwijnen, dan komen we er nog niet. Dit komt door hoge grote stikstofneerslag afkomstig van het buitenland (55%). Vooral maatregelen inzake lange afstand NOx dringen zich op. De Vlaamse stikstofemissies (in kg/ha) van NOx liggen een derde hoger dan in Nederland. Het wordt een hele uitdaging om deze terug te dringen.

Het ene PAS-kader is het andere niet. Het Vlaamse PAS-kader focust op Natura-2000 gebieden en zorgt voor een sterke daling in stikstofemissies van landbouwbedrijven. Er is vooral nood aan bijkomende maatregelen om de NOx-uitstoot te doen dalen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *